Is er een link tussen voeding in de kinderjaren en het ontstaan van ziekten op volwassen leeftijd?

De tijd in de baarmoeder en de eerste twee levensjaren (som van 1000 dagen) zijn dé sleutelperiode voor het al dan niet ontstaan van ziekten op volwassen leeftijd.

Hoe komt dat?

Veronderstel dat je als foetus te weinig of te veel eten krijgt.  Dan word je geboren als een te magere of als een te dikke baby.
Te magere baby’s kregen in de buik van de moeder de boodschap mee dat er voedselschaarste was.  Het DNA van deze kinderen is geprogrammeerd om voor de rest van hun eigen leven spaarzaam met eten om te springen.  Eten ze te veel, dan slaan ze de calorieën op als vet, sneller dan bij iemand anders.  Een levenslang gevecht tegen zwaarlijvigheid, hoge bloeddruk en diabetes is dan een gevolg.

Bij te dikke baby’s is er een overvloed aan suiker en vet in de moederschoot, wat hun metabolisme ontregelt.  Het hongergevoel en de insulineproductie van deze baby’s raken in de war en dat nemen ze mee in hun verdere leven.  Dikke baby’s lopen bijgevolg meer risico dikke kleuters, dikke adolescenten en dikke volwassenen te worden.

Met een BMI hoger dan 35 boet je gemiddeld 8 tot 10 levensjaren in.

Je hoeft calorieën niet fanatiek te tellen, maar enig besef van het caloriegehalte van wat je consumeert is handig.
Echter gezond wil ook niet altijd zeggen ‘weinig calorieën’. Noten zijn heel calorierijk maar bevatten veel goede vetten.  100g noten bevatten 660 kcal.  Een avocado 290 kcal.
Maar ook van te veel gezond voedsel, bijvoorbeeld vette vis, olijfolie en noten, kan je dus dik worden.
Let zeker ook op met producten waarop ‘light’, ‘mager’ of ‘vetarm’ staat.  Vet wordt dan vaak vervangen door suiker.  Dit zijn 2 elementen waarop voedselproducenten op een sluwe manier inspelen omdat vet en suiker ons meer doen consumeren.  In light mayonaise zit maar liefst 6 keer meer suiker dan in gewone mayonaise.

Daarom blijft mijn leuze: eet met mate en denk aan de 3 G’s: eet gezond, gespreid en gevarieerd.

 

 

Share and Enjoy !